negentiende-eeuwer

mannelijk (de)/ˌneɣə(n)ˌtindəˈʔewər/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. iemand die in de negentiende eeuw (1801 tot en met 1900) heeft geleefd
    Ik beschouw Van Gogh als Nederlands grootste negentiende-eeuwer.

Etymologie

*Afgeleid van negentiende eeuw