mop
mannelijk/vrouwelijk (de)/mɔp/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- anekdote met een verrassend en komisch slotWat een flauwe mop is dat, zeg.’Wie weet er een mop?’ riep een aarzelende stem. Een voor een begonnen we grappen en verhalen met elkaar te delen om de moed erin te houden.
- vlekbijvoorbeeld een inktmop
- (bouwkunde) type grote metselsteenbijvoorbeeld een waalmop
- (huishouden), (scheepvaart) een (dek)zwabber of huishoudelijk hulpstuk om vloeren (afhankelijk van de soort mop droog of juist nat) te reinigen
- (kleding) type muts
- fris en fruitig jong meisje of algemener een koosnaam
- (voeding) koekje
Etymologie
* In de betekenis van ‘grap’ voor het eerst aangetroffen in 1895
Vertalingen
Engelsjoke, blot, stain
Fransblague, plaisanterie
DuitsWitz
Spaanschiste
Poolsdowcip, kawał
Zweedsvits
Deensvittighed
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek