moker

mannelijk (de)/xxxx/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. gereedschap (gereedschap) een zeer zware hamer met korte steel, die gewoonlijk voor smeed-, hak- en breekwerk gebruikt wordt
    Voor het hanteren van een moker moet men een sterke hand hebben.

Etymologie

* In de betekenis van ‘breekhamer’ voor het eerst aangetroffen in het jaar 1657

Vertalingen

Engelslump hammer, club hammer
Fransmassette
DuitsFäustel
Spaansmaceta
Italiaansmazzetta