Ma

vrouwelijk (de)/ma/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. familie (familie) moeder, vrouwelijke ouder
  2. afkorting, tijdrekening, dag (afkorting), (tijdrekening), (dag) maandag, de eerste dag van de werkweek
    Open: ma, di, wo, do, vr; dicht: za, zo.|Geopend op maandag, dinsdag, woensdag, donderdag en vrijdag; gesloten op zaterdag en zondag.

Etymologie

*(m) (verkorting) van het Nederlandse zelfstandige naamwoord maandag