luchten

/ˈlʏxtə(n)/

Betekenis

werkwoord
  1. aan de frisse lucht blootstellen
    De gevangenen werden één uur gelucht.
  2. gevoelens uiten
    Ze moest op een gegeven moment haar hart luchten.

Etymologie

*afgeleid van lucht

Uitdrukkingen

  • Iemand niet kunnen luchten of zieneen hekel aan iemand hebben
  • Zijn hart luchteniemand over de problemen vertellen die hij bij zich draagt