levend

/ˈlevənt/

Betekenis

werkwoord
  1. waarin de processen die een organisme laten functioneren nog werken
    Señor Schloss, ik hoop niet dat we hier levend verbranden.
  2. muziek (muziek) niet afkomstig van een geluidsdrager, maar direct door een aanwezige muzikant of zanger voortgebracht
  3. figuurlijk (figuurlijk) nog functionerend
    Nog nooit had ik me zo levend gevoeld.
    Om de verschrikkingen van het bombardement en de nagedachtenis aan zijn zus levend te houden, begon hij in zijn geboortedorp een uitdragerij van duizenden militaire voorwerpen.

Etymologie

*"leven" met de uitgang -d

Uitdrukkingen

  • de herinnering levend houden

Vertalingen

Engelsalive
Spaansvivo