leuze

mannelijk/vrouwelijk (de)/ˈløzə/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. korte formulering, gebruikt als aansporing naar een groot aantal mensen
    Op het spandoek van de vredesdemonstranten stond de leuze 'kernwapens de wereld uit te beginnen in Nederland'.
    Eind jaren zeventig/begin jaren tachtig werd in Nederland massaal gedemonstreerd tegen de aanwezigheid van kernwapens. Dat gebeurde onder de leuze ‘Help de kernwapens de wereld uit, om te beginnen uit Nederland’.

Etymologie

*van Middelnederlands "lose" "wachtwoord, parool, strijdkreet", in de betekenis van ‘zinspreuk’ voor het eerst aangetroffen in het jaar 1501