klauwaard
mannelijk (de)
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- aanhanger van de Vlaamse beweging
- lid van de lagere burgerstand in de middeleeuwen" "Heer Graaf," riep Breydel juichend, "ik weet juist een mijner goede vrienden: de warmste Klauwaard van Vlaanderen.Onderwijl was De Mortenay bezig met de genade van de grijze Vlaming te verzoeken, maar Van Gistel, die deze Klauwaard een bijzondere haat toedroeg, gaf voor dat hij een der belhamels was en zich het meest tegen de Franse beheersing verzet had.
- inhalig persoon
Etymologie
* afleiding van klauw (de klauw van de Vlaamse leeuw)
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek