jij-bak

mannelijk (de)/ˈjɛibɑk/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. pejoratief (pejoratief) reactie op iemands kritiek door die eenvoudig dezelfde kritiek terug te geven
    Een rapport over fouten in de jeugdzorg werd stilgehouden, meldde de voorpagina. Kijk, dat is altijd mooi nieuws, ook nu weer: verdwenen memo’s, ondergeschoven onderzoeken, stilgehouden rapporten. Alleen schoot me wel een jij-bak te binnen. Want hoe zit het met rapporten over de krant zelf?

Etymologie

*, geschreven met een koppelteken volgens onder (5)