jeugdelftal

onzijdig (het)

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. voetbalteam met jeugdige spelers
    In Jørpeland had de storm geen spaan heel gelaten van de kermis en tijdens het districtskampioenschap in Åkra probeerde de keeper van het jeugdelftal van Brodde wanhopig de bal uit te trappen, maar de bal kwam door de windvlagen steeds weer terug en belandde telkens weer in zijn doel, en dat was nog maar het begin.
    Een jeugdelftal van de Bredase voetbalvereniging JEKA zat vanochtend ineens zonder tegenstander. Unitas uit Gorinchem wil niet spelen vanwege het coronavirus. Voorbarig, vinden ze in Breda.