invite
mannelijk/vrouwelijk (de)/ɪɱˈvɑjt/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- (internet) bericht met een verzoek om naar een ontmoeting te komen, aan een activiteit deel te nemen of een product aan te schaffenDeze invite voor de "Glamour Woman of the Year Party" lag van de week op de deurmat.De vriend die mij de invite voor Ello stuurde, heeft sindsdien niets meer op de site gedaan.OnePlus verkoopt sinds vandaag een opmerkelijk nieuw product: hoesjes voor de iPhone 6. Op die manier hoopt het bedrijf iPhone-bezitters over te halen een OnePlus-toestel te kopen. Om dat nog wat gemakkelijker te maken, wordt ieder hoesje geleverd met een invite voor de OnePlus X. Deze nieuwste smartphone van OnePlus is alleen op uitnodiging te koop.
zelfstandig naamwoord
- (kaartspel) uitkomen met een lage kaart of met een laag bod in een bepaalde kleur als teken aan je partner dat je nog meer hoge kaarten in die kleur hebtOost heeft een vijfkaart troef, enorme aftroefwaarde en een behoorlijke tweede kleur. Alles bij elkaar opgeteld meer dan voldoende voor de manche. Overigens zal west ook ingaan op een eventuele invite.Ondanks zijn driekaart schoppen mee liet hij de 5-3 schoppenfit voor wat het was en gaf met 2SA een invite voor 3SA!
- (sport) (schermen) een opening in je verdediging laten vallen om een bepaalde reactie van je tegenstander uit te lokkenDe derobement op handhouding 6 als invite. Op het ijzercontact willen maken van de tegenstander wordt er ontweken en direct de aanval geplaatst.Staat men tegenover een tegenstander, die gaarne rechtstreeksche steken toebrengt, dan zal men door een invite of slag gevolgd door het loslaten van de voeling, deze uitlokken, om te kunnen weren en riposteeren.
- (figuurlijk) hint in vragende vorm, vraag die eigenlijk bedoeld is als een indirecte aansporingEen hoge jongensstem gierde over de hei: ‘Nou, wat mot je van me? Hè, wat mot je? Nou zeg dan op, wat je van me mot. Zeg het dan, wat je van me...’ Maar voor het flanelletje, tot wie deze invite was gericht, er met enige welgekozen woorden op kon ingaan, lagen al het rooie shirt en het flanelletje tegen de vlakte. De rest moedigde aan: ‘Hup dan Koos, hup dan Japie...’
Etymologie
*[B] van "invite"
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek