instinct

onzijdig (het)/xxxx/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. biologie (biologie) gedrag dat geheel genetisch bepaald is
    Hun instinct doet insecten afkomen op een lichtbron in de duisternis.
    Alles is met elkaar verbonden en reageert op elkaar, vertelde hij, net zoals de rimpelingen in het water als je er een steen in gooit. Dat ik opnieuw moest leren om mijn zintuigen open te stellen en mijn innerlijke instincten te verbinden met de natuur.

Etymologie

* Leenwoord uit het Frans, in de betekenis van ‘natuurdrift’ voor het eerst aangetroffen in 1650

Vertalingen

Engelsinstinct
Spaansinstinto