inboorlinge
vrouwelijk (de)/ˈɪmborˌlɪŋə/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- vrouw die geboren is in de plaats of het gebied waar ze woont{{ouds
- (pregnant) (pejoratief) vrouw die behoort tot de oorspronkelijke, minder ontwikkelde bevolking van een gekoloniseerd gebiedUiterlijk verschilt ze niet veel van andere jonge vrouwen in Tokio, behalve dat haar trekken iets geprononceerder zijn en haar huid donkerder. En juist deze kleine verschillen veroorzaken de wijdverbreide discriminatie die de Ainu's tot op heden ondergaan. Op school werd ze gepest omdat ze een „zwarte inboorlinge” zou zijn.
Etymologie
*afgeleid van "inboorling"
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek