hockeystadion

onzijdig (het)/ˈhɔkiˌstadiˌjɔn/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. plaats waar voor een groot publiek hockey gespeeld kan worden
    Daar waar de Nederlandse zwemsters gouden medailles haalden, kan nu iedereen zwemmen. Kijk naar de handbalarena, het velodrome, het hockeystadion. Alles is nu door iedereen te gebruiken. We hebben hier echt veel bereikt."
    Ze kan bovendien zonder al te veel druk toeleven naar de wedstrijd vanaf de spectaculaire vijftig meter hoge schans in het hockeystadion van de Duitse stad.