hartoor

onzijdig (het)

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. uitstulping van de hartboezem
    In een uitstulping van de boezems, het zogeheten hartoor, kunnen dan stolsels ontstaan. Een bloedpropje vanuit de linkerharthelft kan bijvoorbeeld in de kleine vaten van de hersenen terechtkomen en daar een infarct veroorzaken.
    Cardiologen van het Sint Antonius Ziekenhuis in Nieuwegein gaan vandaag voor het eerst een hartoor afsluiten.
    Brysbaert en Keuleers hebben wel meer zotte discussies over woorden die niet lijken wat ze zijn, zoals ringstaart, stoppenkast en hartoor.

Vertalingen

Engelsauricle of the heart