handvaardigheid

vrouwelijk (de)/xxxx/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. de vaardigheid om met de hand werkzaamheden te verrichten.
  2. onderwijs (onderwijs) een schoolvak waarin kinderen leren gereedschappen te gebruiken voor het maken van allerlei voorwerpen en het uiten van creativiteit.

Etymologie

*afgeleid van handvaardig