hameren

/xxxx/

Betekenis

werkwoord
  1. ov (ov) met een hamer inslaan
    Hij hamerde voor de zekerheid nog een paar spijkers door het hout.
  2. inerg (inerg) ~ op: zwaar de nadruk op iets leggen
    Hoe hij hier in de klas ook op gehamerd had, het vraagstuk werd allerbelabberdst beantwoord op het examen.
    Persoonlijke hygiëne is natuurlijk een dingetje als je meer dan tien dagen niet doucht. Scout en Frodo, waar ik de eerste nacht in San Diego logeerde, hamerden er bij mij op geen zeep en shampoo in de natuur te gebruiken.

Etymologie

*Afleiding van hamer (1).

Uitdrukkingen

  • altijd op het zelfde aambeeld hamerensteeds maar blijven herhalen