grosse

vrouwelijk (de)

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. juridisch (juridisch) in executoriale vorm uitgegeven afschrift van een vonnis, notariële akte of ander ambtelijk stuk
    Van de Middelnederlandse oorkonde werd door een ingrossator een Latijnse grosse uitgeschreven.

Etymologie

* Leenwoord uit Frans grosse ‘grootschrift, afschrift van notariële akte’.

Vertalingen

Engelsengrossment
Fransgrosse
DuitsAusfertigung
Spaansprimer testimonio