grimas
mannelijk/vrouwelijk (de)/xxxx/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- vertrokken gelaat, grijns, fratsDe driehoekige kinspier trekt de mondhoeken naar beneden en achteren om een grimas te trekken.
Etymologie
* Leenwoord uit het Frans, in de betekenis van ‘vertrekking van het gezicht’ voor het eerst aangetroffen in het jaar 1555
Vertalingen
Fransgrimace
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek