goochelaar

mannelijk (de)/ˈɣoxəˌlar/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. beroep (beroep) iemand die een publiek verbaast met schijnbaar onmogelijke handelingen
    We hebben gisteren een fantastische goochelaar gezien.

Etymologie

* van goochelen

Vertalingen

Engelsmagician