gipsafdruk

mannelijk (de)/ˈɣɪpsavdrʏk/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. kopie van een voorwerp, door een mal daarvan te vullen met een mengsel van zwavelzure kalk en dat mengsel te laten uitharden
    Vandaag is hij naar het boksmuseum gekomen om een gipsafdruk te laten maken van zijn machtige rechtervuist – de hand waarmee hij 25 jaar geleden geschiedenis schreef, als jongste wereldkampioen in het zwaargewicht.
    Michelangelo heeft volgens de chroniqueurs uit zijn tijd ongeveer acht maanden gezocht in de marmergroeven van Carrara voordat hij een stuk had dan naar zijn zin was. Maar in de loop der eeuwen zijn er in het blanke marmer donkere vlekken gekomen. Waarschijnlijk is dat vet dat in het marmer is getrokken toen er gipsafdrukken van werden gemaakt voor kopieën. Het beeld werd al snel zo beroemd dat van veel kanten om een kopie werd gevraagd.

Vertalingen

Engelsplaster cast
Fransmoulage