getij
onzijdig (het)/ɣəˈtɛi/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- de periodieke wisseling van de waterstand met eb en vloed.
Etymologie
*afgeleid van tij
Vertalingen
Engelstide
Fransmarée
DuitsGezeiten, Gezeitenstrom
Spaansmarea, flujo
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek