Gaard

mannelijk (de)/xxxx/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. scheepvaart (f)/(m)? (scheepvaart) bij een kaag: de kabels waarmee de spriet in de vaarrichting gehouden wordt
  2. (f)/(m)? de meestal gegalvaniseerde stalen draad met behulp waarvan riet op een dak strak gebonden wordt
  3. (f)/(m) taai, recht wilgenhout voor rijswerk
  4. verouderd (m) (verouderd) omheinde ruimte, tuin. Heden ten dage voornamelijk in eigennamen en samenstellingen
  5. religie (religie) paradijs

Etymologie

* In de betekenis van ‘omheinde tuin’ voor het eerst aangetroffen in het jaar 701

Vertalingen

Spaansjardín