fruitsla
mannelijk/vrouwelijk (de)/ˈfrœytsla/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- een koud gerecht met diverse soorten fruit meestal gebruikt als desert of bij het ontbijtVoor een toetje kun je dezelfde kant-en-klaar truc toepassen. Zet alles tegelijk op tafel, of verdeel het in de keuken over verschillende borden en spreek over een grand dessert. Dat kun je eenvoudig maken van bijvoorbeeld een mooie taart, druiven, fraaie kerstchocolade, simpele fruitsla en een bak ijs of sorbet.De Volkskrant Xandra van Gelder 24 december 2001 [https://www.volkskrant.nl/archief/als-de-kok-kookt~a609276/ Als de kok kookt ]Die éne keer dat het mooi weer is. . . ben je mal, we gaan lekker ergens buiten wat eten. Maar dat mooie weer duurt nu al weken, de bijpassende vakantiestemming ook. En het geld is op.Dus nu gaan we voortaan gewoon picknicken. Ook leuk. De oververmoeide kinderen rollen vechtend door de roquefort, de mieren verpesten de fruitsla en de wijn is lauw. Maar de zelfgemaakte paté is heerlijk. La vie bohèmeDe Volkskrant Sylvia Witteman 29 mei 2001 [https://www.volkskrant.nl/archief/boerenpate~a584187/ Boerenpaté ]
Vertalingen
Engelsfruit salad
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek