frequentie

vrouwelijk (de)/xxxx/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. aantal keren of herhalingen per tijdseenheid
    Die tram rijdt met een frequentie van twee keer per uur.
  2. natuurkunde, elektronica (natuurkunde) (elektronica) het aantal perioden per seconde, trillingsgetal
    In de elektrotechniek wordt de frequentie uitgedrukt in de SI-eenheid hertz (symbool Hz).
  3. statistiek (statistiek) het aantal malen dat een bepaalde observatie gedaan is

Etymologie

*afgeleid van frequent

Vertalingen

Engelsfrequency
Fransfréquence
DuitsFrequenz
Spaansfrecuencia
Italiaansfrequenza
Zweedsfrekvens