fietskoerier

mannelijk (de)/ˈfitskurir/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. iemand die beroepshalve dingen rondbrengt op de fiets
    Volgens mij versturen ze dat pakketje per fietskoerier.

Vertalingen

Engelsbicycle courier
FransCoursier à vélo, messager à vélo, cyclomessager
DuitsFahrradkurier