exponent
mannelijk (de)/xxxx/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- (wiskunde) het aantal malen dat het grondtal in een machtsverheffing met zichzelf vermenigvuldigd wordt om het resultaat te verkrijgen
- kenmerkende vertegenwoordiger
Etymologie
* Leenwoord uit het Latijn, in de betekenis van ‘getal dat aanwijst uit hoeveel gelijke factoren een product bestaat’ voor het eerst aangetroffen in 1740
Vertalingen
Fransexposant
Spaansexponente
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek