duisternis
vrouwelijk (de)/ˈdœystərˌnɪs/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- een toestand van weinig of geen verlichtingDoor de invallende duisternis werd het onmogelijk de zoektocht voort te zetten.De balustrade kraakt, en Maren trekt haastig de mantel van haar schouders en tuurt omhoog in de duisternis.De baardragers schuiven de nieuwe grafplaat op zijn plaats en een dienstmeid knielt bij de verdwijnende duisternis.
- (figuurlijk) een toestand van weinig of geen geestelijke verlichtingNixey begint haar boek "Eeuwen van duisternis" met de beschrijving van de onthoofding van Athena en de vernietiging van de tempel van deze godin door vroege geradicaliseerde christenen in 385 in Palmyra. U leest het goed: Palmyra!! Je kunt deze passages niet lezen zonder aan IS te denken!![https://www.liberales.be/teksten/2017/12/7/eeuwen-van-duisternis-catherine-nixey www.liberales.be]Hoewel deze terugkeer naar de kou en de duisternis een nuttige halte in zijn leven was geworden, stond zijn trein in het station voor onderhoud en om na te denken.
Etymologie
* afgeleid van duister
Vertalingen
Engelsdarkness
Fransobscurité
DuitsDunkelheit
Spaansoscuridad
Italiaansoscurità
Poolsciemność
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek