druipen

/xxxx/

Betekenis

werkwoord
  1. erga (erga) het vallen van druppels
    Deze hars is miljoenen jaren geleden uit de bomen gedropen en daarna versteend tot barnsteen.
  2. inerg (inerg) het produceren van druppels
    Ik geloof dat ik nog nooit zo hard gedropen heb van het zweet.
    Binnen een uur was ik de kou weer vergeten omdat het zweet langs mijn hoofd begon te druipen.
  3. ov, kunst (ov) (kunst) het laten vallen van druppels verf als schildertechniek
    Uiterst beheerst wordt de verf over het doek gedropen.

Etymologie

* In de betekenis van ‘in druppels neervallen’ voor het eerst aangetroffen in 901

Vertalingen

Engelsdrip
Fransdégouliner
Duitstropfen
Spaanschorrear