draf
mannelijk (de)/drɑf/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- (paardrijden) gang van paard, en andere viervoeters, sneller dan de stap maar langzamer dan de galopNa twee ronden in draf liet zij haar paard overgaan op de stap.
- looppasHij liep in draf naar huis om zijn mooie rapport te laten zien.
- (oenologie)overblijfsel van druiven na het persenSchenk alsjeblieft klare wijn zonder draf.
Etymologie
* In de betekenis van ‘gang van een paard’ voor het eerst aangetroffen in het jaar 1351
Vertalingen
Engelstrot, running step, lees
Franstrot, au pas de cours, lie
DuitsTrab, Laufschritt, Trester
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek