doorvloeien
/ˈdorvlujə(n)/
Betekenis
werkwoord
- (erga) voortgaan met vloeienHoeveel water de reddingswerkers er ook op spoten, de lava vloeide onstuitbaar door.
werkwoord
- (ov) vloeiend doorkruisenHet Tweestromenland wordt doorvloeid door Eufraat en Tigris.
Etymologie
*[B] van Middelnederlands "dorevloeyen" / "dorevloeden", op te vatten als
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek