doorgroeimogelijkheid

vrouwelijk (de)/'dorɣrujmoɣələkhɛɪt/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. het in staat zijn zich verder te kunnen ontwikkelen
    De concertzaal heeft ruimte voor 17.000 mensen. Borsato noemt dat een mooie capaciteit, ergens tussen de Heineken Music Hall en de grote voetbalstadions. "Dit is geen kleine zaal. Het betekent dat er nu een doorgroeimogelijkheid is voor nationale artiesten, maar het zal ook buitenlandse artiesten aantrekken."
    Het kassencomplex beslaat in eerste instantie 5,7 hectare, met een doorgroeimogelijkheid naar 20 hectare.