donkerrood

onzijdig (het)/xxxx/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. kleur (kleur) een donkere kleur rood
    Heeft u die ook in het donkerrood?
  2. kleur (kleur) de donkerrode kleur hebbend
    Hij rijdt in een donkerrode auto.
    De achterkamer werd gedomineerd door een monsterlijk, ondateerbaar hemelbed met vier vergulde zuilen in Egyptische stijl waarop een baldakijn rustte van donkerrood fluweel, met geborduurde sterren van gouddraad. Wie zou in staat zijn te bevroeden hoeveel zuchten en gefluisterde geheimen er onder die sterrenstof waren blijven hangen?