docente

vrouwelijk (de)/do'sɛntə/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. beroep, onderwijs (beroep), (onderwijs) vrouwelijke "docent", vrouwelijke leraar
    Mijn vrouw is een NT2 -docente die les geeft aan toekomstige hbo-studenten die uit het buitenland komen en het Nederlands onvoldoende machtig zijn.