dertiger

mannelijk (de)/ˈdɛrtəɣər/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. iemand tussen de dertig en veertig
    Bij dertigers zit het gezicht vaak al onder de rimpeltjes.” Dat is wat blootstelling aan de elementen met de huid doet.NRC Martine Kamsma 31 maart 2017
    Ze dolden een beetje met elkaar. Als opgeschoten tieners die hun grenzen verkenden. Eigenlijk was het belachelijk, dacht hij. Deze mensen waren dertigers.

Etymologie

* afgeleid van dertig