dennenbos
onzijdig (het)/xxxx/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- een bos met dennen, een bos met naaldbomenVoor de ingang van het park stonden gendarmeriebusjes geparkeerd. In de zaterdagkrant was ook een luchtfoto afgedrukt van het Plateau de Millevaches. Daarop waren eindeloze dennenbossen te zien zonder ergens bebouwing of doorgaande wegen. {{Aut|Berg, MichaelStroken dennenbos werden afgewisseld met kale loofbomen en stukken grauw gras. Ik telde onderweg de vele roof vogels die op palen en hekken zaten. Het voorkwam dat ik aan de avond dacht. {{Aut |Stralen, Auke vanNaast de kust blijven de Ardennen dé Belgische vakantieklassieker. Maar vergeet het beeld van die plek waar een kajaktochtje het enige alternatief is voor een wandeling door het beuken- of dennenbos. De Ardennen staan voor een grote omwenteling, met dank aan Marc Coucke. de Standaard 06/juli/2017 door wle/pse
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek