dekkleed
onzijdig (het)/ˈdɛklet/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- een lap stof waarmee de romp van een paard afgedekt wordt
- een grote lap, meestal waterdicht materiaal waarmee een gebouw, voer- of vaartuig afgedekt wordt
- (heraldiek) een op de helm vastgemaakt stuk stof
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek