cyberaanval

mannelijk (de)/'sɑjbəranvɑl/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. informatica (informatica) aanval uitgevoerd (door hackers) op een informatiesysteem
    8,3 procent van cyberaanvallen wordt verstuurd vanuit Nederland[http://www.nu.nl/internet/4098025/83-procent-van-cyberaanvallen-wordt-verstuurd-vanuit-nederland.html www.nu.nl (30 jul 2015)]
    Hackersgroep Anonymous heeft vrijdag nieuwe cyberaanvallen op de Russische regering uitgevoerd. Daarbij werden gegevens van het Russische ministerie van defensie online gezet.[https://www.rtlnieuws.nl/tech/artikel/5290929/anonymous-kondigt-nieuwe-cyberaanvallen-op-rusland-aan www.rtlnieuws.nl (27 feb 2022)]
    Twee grote telescopen in Chili en Hawaï zijn al ruim een maand uitgeschakeld door een cyberaanval. Enkele kleinere telescopen in Chili zijn uit voorzorg offline gehaald. Astronomen lopen hierdoor waardevolle observatietijd mis.[https://www.nrc.nl/nieuws/2023/09/06/cyberaanval-legt-grote-telescopen-al-ruim-een-maand-stil-a4173627 www.nrc.nl (6 sep 2023)]

Etymologie

*afgeleid van aanval

Vertalingen

Engelscyber attack
Franscyberattaque
DuitsCyberangriffe
Spaansataque cibernético