burin
vrouwelijk (de)/byˈrɪn/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- (verouderd) bewoonster van een van de meest nabij gelegen huizen
- (verouderd) vrouwelijk persoon die zich direct naast je bevindt
zelfstandig naamwoord
- (gereedschap) puntige stalen stift om mee te graveren
Etymologie
*(m): van "burin"
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek