brol

mannelijk (de)/brɔl/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. pejoratief (pejoratief) onsamenhangend geheel van waardeloze zaken
    Open VLD-parlementslid Willem-Frederik Schiltz ging nog een stap verder en verweet Gryffroy ‘parlementaire profileringsdrang’. Schiltz wees er ook op dat de N-VA op haar website nog spreekt van een ‘gefaseerde kernuitstap tegen 2065’. ‘2065! Gaan we die oude brol met scheurtjes nog tot 2065 verlengen of gaan we er nieuwe bijbouwen? Is het dat wat u voorstelt?’, aldus Schiltz. De Standaard 13/12/2017 [http://www.standaard.be/cnt/dmf20171213_03240680 Vlaamse meerderheid niet op één lijn over energiepact: 'Onvoldoende onderbouwd']
    Basketfans van over de hele wereld kijken reikhalzend uit naar dinsdag, wanneer het gloednieuwe seizoen van de NBA van start gaat. Basketlegende Michael Jordan heeft echter weinig zin in komende jaargang. “Haast alle NBA-teams zijn brol”, vertelde de ondertussen 54-jarige Amerikaan vrijdag in een interview met het blad Cigar Aficionado. De Standaard 13/10/2017 [http://www.standaard.be/cnt/dmf20171013_03129487 Michael Jordan himself haalt fors uit voor start van nieuw NBA-seizoen: “Haast alle teams zijn brol”]

Etymologie

*vorm van "broel", het naamwoord van handeling bij "broelen"

Vertalingen

Engelsjunk, crap, rubbish