bouwplan

onzijdig (het)/ˈbɑuplɑn/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. beschrijving hoe iets gebouwd gaat worden
    De architect en de aannemer hadden een zeer nauwkeurig bouwplan gemaakt voor de nieuwe wolkenkrabber.
  2. wat een groep dieren of planten gemeenschappelijk heeft qua vorm en bouw
    De wervelkolom is het gemeenschappelijke element in het bouwplan van de gewervelden.