bokkenpoot

mannelijk (de)/ˈbɔkə(n)ˌpot/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. anatomie (anatomie) elk van de vier ledematen van een mannelijke geit of hert
    Meestal moet een amulet een gevaar voor de drager afweren, maar welk: een of andere bokkenziekte, een trap van een bokkenpoot, de vrees geofferd te worden?
  2. figuurlijk (figuurlijk) benaming voor op ledematen van een bok lijkende benen van een mythisch wezen
    Mijn boeken zitten vol met djinns – dat zijn demonen uit de arabische wereld die in waterputten en toiletten huizen – en dit toneelstuk begint al met een visioen van de hel: in de openingsmonoloog vermeng ik de schaduw van de God Pan met het middeleeuwse beeld van de duivel met bokkenpoten.
  3. figuurlijk (figuurlijk) aanduiding voor een mythisch wezen met benen die op de poten van een bok lijken, zoals een duivel of een sater
    Eerst komt de aanval van satan, die bokkenpoot, van buitenaf.
  4. gereedschap (gereedschap) kwast waarvan de borstel met een knik aan de steel zit, om plekken te schilderen of smeren die met een rechte steel moeilijk te bereiken zijn
    In vroeger tijden had iedere sluis een eigen onderhoudsmonteur die op geregelde tijden met een emmertje smeermiddel en een bokkenpoot de kettingen smeerde.
  5. sierlijke poot van een meubelstuk die onderaan met een ronde verdikking eindigt
    De stoel heeft overhoekse bokkenpoten die als voet een uitgedijde zool hebben.
  6. gereedschap (gereedschap) handvat met een plat afgerond uiteinde, waarmee de nagelriem kan worden teruggeduwd
    Een onmisbare accessoire in de manicure behandeling is de bokkenpoot. Zijn je nagelriemen soepel en zacht geworden door de nagelriemcrème? Dan is het tijd om met een bokkenpoot de nagelriem voorzichtig terug te duwen.
  7. staafje in een uurwerk dat ervoor zorgt dat op gezette tijden een geluidssignaal wordt gegeven
    Een andere manier is het handmatig oplichten van de bokkenpoot of de paardenkop. Na deze handeling gaat het uurwerk slaan. Dat oplichten kan dan worden herhaald tot het uurwerk weer op slag is.
  8. bloemplanten (bloemplanten) (Suriname) sierplant met schijnstammen, , bloeiend met een aar die rode schutbladen heeft{{citeer|web|citaat=
  9. bouwkunde, verouderd (bouwkunde) (verouderd) onderdeel van een hijskraan of heistelling, bestaande uit twee schuine palen die bovenaan met elkaar zijn verbonden en scharnierend met de ondergrond zijn verbonden
    {{ouds
  10. scheepvaart (scheepvaart) scharnierende constructie waarmee de mast van een zeilschip kan worden opgezet of gestreken
    Bij het strijken van de mast op een tjalk brak de bokkenpoot, waardoor de mast viel en vrouw, schipper en knecht gekwetst werden; de vrouw is per brancard naar het Gasthuis vervoerd.
  11. militair, spottend (militair) (spottend) benaming voor infanterist of marinier
    Was je infanterist, dan werd je nageroepen voor „bokkenpoot" of zandhaas.

Etymologie

**[11]: vermoedelijk naar de indruk die het beslag op de hak van een soldatenlaars in de grond achterliet