boeken

/ˈbukən/

Betekenis

werkwoord
  1. ov (ov) reserveren van bijvoorbeeld een hotelkamer
    We hebben drie kamers met zicht op zee geboekt.
    ‘No I don’t,’ ontkende ik met een dikke grijns en liep naar buiten om een huisje te boeken voor de komende nacht.
    In maart 2004 boekten wij (mijn vrouw Moniek en ik) voor twee weken in de maand juli een all-inclusive arrangement in de Dominicaanse Republiek.
  2. verwerken in een boekhouding
    De boekhouder boekte alle posten nauwgezet in de administratie.
  3. behalen van een gewenst doel (succes boeken, een overwinning boeken)
    Bedrijven boeken succes in gevecht om emissierechten.Joop Meijnen NRC 3 mei 2016

Uitdrukkingen

  • succes boeken

Vertalingen

Engelsbook
Fransréserver
Duitsbuchen, reservieren
Spaansreservar
Italiaansriservare
Portugeesreservar
Russischзабронировать, zabronírovat’
Koreaans예약하다, 豫約, yeyaghada
Turksreservasyon, yer ayırma
Zweedsboka
Deensreservere