afzeggen

/xxxx/

Betekenis

werkwoord
  1. ov (ov) aangeven dat men niet gaat komen
    Ik heb dat feest afgezegd omdat ik me niet goed voelde.
  2. inerg (inerg) ~ voor: aangeven dat men niet gaat komen
    Ik heb afgezegd voor het feest omdat ik een andere afspraak had.

Vertalingen

Engelscancel
Duitsabsagen
Spaansanular, cancelar
Italiaansdisdire
Poolsodwołać