beschoeiing
vrouwelijk (de)/bə'sxujɪŋ/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- bekleding van de walkant die met een paalwerk aan de waterkant op zijn plaats blijft
Etymologie
*afgeleid van beschoeien
Vertalingen
Engelsbulkhead
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek