woorden
boek
Start
›
B
›
beschaafdheid
beschaafdheid
vrouwelijk (de)
/bə'sxafthɛɪt/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
het welopgevoed zijn; het beleefd zijn
iemand die beleefd en welopgevoed is
Etymologie
* afleiding van beschaafd
Antoniemen
onbeschaafdheid
Bron:
OpenTaal
&
WikiWoordenboek
← beschaafdere
beschaafdst →