beschimpen

Betekenis

werkwoord
  1. ov (ov) met scheldwoorden overladen
    Hij werd beschimpt en bespot.

Etymologie

*afgeleid van schimpen

Vertalingen

Engelsscoff, jeer, taunt
Fransinjurier, insulter
Duitsbeschimpfen, verhöhnen
Spaansinjuriar, denostar, insultar