beschenken
/xxxx/
Betekenis
werkwoord
- (ov) iemand ~ met: aan iemand een schenking doen toekomenKeizer Alexander I van Rusland beschonk hem met het grootkruis van St. Andries
- (ov) van alcoholische drank voorzienMen beschonk mij, ik werd beschonken, en daarna was de zaak snel beklonken.
- (refl) zich ~ zich dronken voerenWant ik beschonk me met je zoete tranen, maar geen kroeg schenkt mij vannacht de drank.
- tweede betekenisomschrijvingZin met het beschenken in de tweede betekenis erin.
- enz.
Etymologie
*afgeleid van schenken
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek