beschamen

/xxxx/

Betekenis

werkwoord
  1. ov (ov) verlegen maken
    Zijn schandalige gedrag beschaamde zijn ouders.
  2. teleurstellen
    Hij beschaamde het vertrouwen dat zijn vrienden in hem gesteld hadden door het geleende geld niet terug te betalen.

Etymologie

*Afgeleid van schamen

Vertalingen

Engelsput to shame, abash
Fransfaire rougir, rendre honteux
Duitsbeschämen
Spaansavergonzar