bepalen
/bəˈpalə(n)/
Betekenis
werkwoord
- (ov) met palen afzetten
- (ov) vaststellen, voorschrijven, regelenIk heb de afstand tot Groningen bepaald.
- (ov) beslissend beïnvloedenIedereen mag meepraten, maar de arts is toch degene die bepaalt wat er gebeurd.Nu moet blijken of de aanstormende knapen mannen zijn geworden en de grote mannen grote mannen zijn gebleven. Het is veelzeggend dat Vincenzo Nibali, zonder twijfel behorend tot de laatste categorie, pas hierna bepaalt of hij vol voor het geel in Parijs gaat of dat hij voortaan mikt op ritwinst.Eerst reisgidsen halen, dan thuis de bestemming bepalen, om ten slotte op het reisbureau voor de reis te betalen. Alles liep op rolletjes.
- zijn aandacht ~ op iets: beperken, richtenHij bepaalt zijn aandacht op de hoofdzaak, details laat hij aan zijn personeel over.
- zich ~ tot: zich beperken totLaten we niet in details treden, maar ons bepalen tot de hoofdzaak.
Etymologie
*afgeleid van paal
Vertalingen
Engelsdetermine, set, determine
Fransdéterminer, stipuler
Duitsbestimmen, festlegen
Spaansestipular, estatuir, definir
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek